Boekenkast Ik ben om zes uur thuis - Violet Falkenburg

Ik ben om zes uur thuis - Violet Falkenburg

ik_ben_om_zes_uur_thuis

Hoe ziet het leven van een alleenstaande werkende moeder eruit? Wat maakt ze mee, hoe reageert ze op het alleenstaand ouderschap, is er contact met de vader? Hoe verloopt de combinatie werk-gezin?

Veertien vrouwen vertelden hun levensverhaal aan Violet Falkenburg. Onder hen twee vrouwen die er bewust voor gekozen hebben om hun kinderen alleen groot te brengen. Ook hun kinderen komen aan het woord.

 

 

Leona Detiège met dochter Maya
Leona Detiège (1942) heeft eind jaren zestig geen partner, maar wil zielsgraag kinderen. Ze besluit om haar kind alleen te krijgen en haar alleen op te voeden.

"Maya is geboren in 1967, Leona is dan vijfentwintig. 'De kinderen van mijn zus waren al vijf en drie, ik vond dat ik een oude vrijster aan het worden was. Ik wil ook een kind, dacht ik, en toen heb ik eerst een appartement gezocht. Vlak bij mijn ouders. Een goede vriend van me werd de natuurlijke vader. Maya weet wie het is, maar heet nooit contact gehad. Nooit gezocht ook.

Het voordeel was dat ik nooit met echtscheiding te maken zou hebben, nooit een bezoekregeling, zegt ze met enige zelfspot. 'Eigenlijk had ik het alleen vlak na de bevalling een beetje moeilijk, toen ik besefte dat ik het allemaal alleen moest gaan doen. Daar heb ik later nooit meer last van gehad.' [...]

Leona heeft niet lang over de beslissing gedaan. 'Ik heb het bedacht en ik heb het gerealiseerd. Nooit heb ik er met iemand over gepraat, niet met mijn ouders, niet met vriendinnen. Ik heb het heel erg op mijn gevoel gedaan en er geen moment spijt van gehad. Op je vijfentwintigste denk je nog niet zo rationeel."

Dochter Maya (1967):

"Leona was alleen toen ze mij kreeg, en ik vind dat een heel mooie beslissing van haar. Want ik ben er nu! En ik ben heel gelukkig opgegroeid. Als kind van een bommoeder weet je dat je heel gewenst bent. Je hebt een speciale band met elkaar.

Mijn grootvader is voor mij de vaderfiguur geweest. Hij was heel fier op mij en ik op hem. Hij tekende mijn rapporten van school, hij was de man voor het rapport, dat voelde ik zo. [...]

Het is misschien wel raar dat ik nooit naar mijn vader gevraagd heb, toen ik klein was. Ik heb er nooit behoefte aan gehad. Dat heb ik nog niet. Stel dat hij niet zo tof is als ik hoop. Ik heb het goed zoals het nu is. Wat win ik erbij om hem te leren kennen?"

(pp. 51-67)

Hetty Hafkamp, moeder van Bram en Emma
Omdat ze heel graag kinderen wil, maar geen partner heeft, belsuit Hetty Hafkamp eind jaren tachtig het leven in eigen hand te nemen: ze wordt bommoeder, die in een parttime baan de kost verdient. Bram wordt in 1986 geboren en Emma drie jaar later.

"Als ze eenendertig is merkt Hetty hoe graag ze kinderen wil. 'Ik had de kwestie steeds uitgesteld. Ik had wel relaties gehad, maar nooit met iemand van wie ik kinderen wilde. Straks ben ik te oud, dacht ik.

Het was zo'n diepgeworteld verlangen om moeder te worden, dat ik een goede vriend heb gevraagd om donor te zijn. We hebben er lang en breed over gepraat, maar hij had er geen problemen mee om zich als vader totaal terug te trekken. Ik had alles gelezen wat los en vast zat, ik kende alle voetangels en klemmen. Bij de notaris heb ik alles geregeld.

Drie jaar later wilde ik graag nog een kind, voor Bram en voor mezelf, want ik had genoten van het zwanger zijn. En ik werd voor de tweede keer zwanger. De kinderen hebben niet dezelfde biologische vader."

Hetty vertelt ook eerlijk over hoe zwaar het moederschap haar soms viel:
"Ik vond het heel zwaar om alleen met de kinderen met vakantie te zijn. In van die priegeltentjes en overal gezinnen om me heen." en "Soms zat ik jankend in de keuken, ontzettend moe en breekbaar."

Maar ze is ook trots:
'Ik ben niet gescheiden, er is mij niets overkomen, denk erom. Ik ben een buitencategorie. Het is het mooiste wat me in mijn leven is voerkomen. We zijn een hecht gezin. Het gaat goed met ze. Het zijn heel sociale kinderen, met oog voor de mensen om zich heen. Dat heb ik gelukkig over kunnen brengen."

Zoon Bram (1986):

"Zonder te slijmen kan ik zeggen dat ik een zorgeloos en prima leven heb gehad met alleen een moeder. Ik kan me geen betere moeder voorstellen. Ik heb nooit een vader gemist, helemaal niet. Ja, als ik een potje wilde voetballen, maar dan deed Hetty ook wel mee, als is ze geen echte ster."

(pp. 211-226)

Violet Falkenburg / Ik ben om zes uur thuis. Gesprekken met alleenstaande werkende moeders / Archipel / 2006

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen